Slapen. Vegen. Zitten. Eten. Studeren. Werken. Eten. Studeren. Vegen. Zitten. Slapen.
Dat is het wel zo'n beetje, mijn leven. Slapen. Vegen. Zitten. Eten. Studeren. Werken. Eten. Studeren. Vegen. Zitten. Slapen. C'est tout. Dagen van slapen, vegen, zitten, eten, studeren, werken, eten, studeren, vegen, zitten, slapen.
Geen wonder dat ik goed word ik vegen.
En dan bedoel ik niet de technische vaardigheid. Al neemt die ook toe. Geen grapje! Vegen kan je technisch goed doen of minder goed. En ik word er aardig goed in.
Ik bedoel vooral dat ik goed word in vegen, omdat ik er in kan opgaan. Als ik veeg, is er niet veel meer dan de vloer, de bezem, het geringe beetje stof, kattenhaar en zand dat ik verzamel met de bezem. Ik speel er geen echte rol in verder, behalve dat ik mezelf af en toe maan tempo te houden. Mijn gedachten zijn redelijk rustig. Mijn lichaam weet wat het moet doen. Het is sprekend zazen, zeker vergelijkbaar met de stevigere zits.
Met dat ik er beter in ben geworden, is het vegen ook van aard veranderd. Ik begin het leuk te vinden. Of eigenlijk prettig om te doen. Leuk is het verkeerde woord. Ik pak
Rituelen. Ritueel vegen. Dat is wat het is geworden. Het stof verzamelen dat in de loop van een stille nacht is neergedaald. Het zand verzamelen dat in de loop van een levendige dag mee naar binnen is gekomen. Van vloeren. Van geest.
| Datum | donderdag 18 juni 2009 |
|---|---|
| tijd (gmt+2) | 08:14 |
| Tags | vegen stof zand ochtend avond zazen zitten zen samu |
| Meer | Recent/Archief |